Voor studenten geldt dat als zij zich bij de academische gemeenschap willen aansluiten, ze de katholieke normen en waarden dienen te respecteren en de gemeenschap geen schade moeten toebrengen door bijvoorbeeld hun gedrag. Dit valt op grofweg twee manieren uit te leggen. Óf er wordt bedoeld dat, wil je student aan de universiteit zijn, je - dit breng ik onder de noemer A - respectievelijk de gelovigen om je heen in hun menselijke waarde moet laten, en je je aan de fatsoensnormen houdt en de wet niet overtreedt. Óf er wordt bedoeld dat, wil je student aan de universiteit zijn, je - dit breng ik onder de noemer B - geen maatschappelijke veranderingen mag nastreven en niet, al of niet publiekelijk, meningen of gevoelens mag uiten die té ver afstaan van de katholieke moraal.
Ik mag toch aannemen dat als wordt gesproken over het bewaken en bevorderen van de katholieke identiteit, dat niet bedoeld wordt dat er vastomlijnde geloofsartikelen zijn die voor de universiteit dermate sacrosanct zijn dat ze gedogmatiseerd zijn. Dat dús de katholieke moraal aan verandering onderhevig is of toch minimaal in al haar facetten in twijfel getrokken mag worden - ook door van de academische gemeenschap uitmakende personen. In een academische klimaat, hecht of niet, bestaat immers juist de ruimte om dogma's en taboes aan de kaak te stellen en daarover discussies op te roepen.
Oftewel, zo lang ik me houd aan de onder A genoemde voorwaarden, zijn de onder B genoemde acties geen gegronde reden om mij niet op te nemen in de academische gemeenschap. Ik heb de gelovigen om me heen in hun menselijke waarde gelaten, ik houd me aan de fatsoensnormen, en ik overtreed de wet niet. Dat ik publiekelijk te kennen geef pedofiele gevoelens te hebben en er relatief vrije opvattingen op seksueel gebied op nahoud, noch dat ik opvattingen propageer die niet overeenkomen met hetgeen door de Nederlandse wetgever als aanvaardbaar wordt beschouwd, kan aanleiding zijn mij van de opleiding te weren.
Zou hetgeen opgaan dat genoemd wordt onder B - wat niet het geval is, dan zou ik niet eens deel wíllen uitmaken van genoemde gemeenschap.
(EINDE)