Pedopartij heft zich op

Door: Nederlands Dagblad, URL onbekend
Datum: dinsdag, 16 maart 2010

LEIDEN - De Partij voor Naastenliefde, Vrijheid & Diversiteit (PNVD) heeft zichzelf opgeheven. De partij, die ruimte voor pedoseksualiteit en kinderporno bepleitte, wilde meedoen aan de verkiezingen van 9 juni, maar ziet geen kans de benodigde 570 steunverklaringen binnen te krijgen.

Slechts ''enkele tientallen'' mensen hebben tot nu toe hun steun aan de partij verklaard, zegt partijvoorzitter Marthijn Uittenbogaard. Hij wijt de ondergang van zijn partij aan een 'hetze'. ''Of er is niet genoeg draagvlak voor onze partij, of het is niet gelukt door de hetze tegen pedofilie. Ik heb het idee dat we maar weinig ons woord kwijt konden. Er was veel media-aandacht over ons, maar weinig met ons.'' Volgens Uittenbogaard is het de partij in kleinere kringen wel gelukt haar standpunten duidelijk te maken. ''We konden in bepaalde kleine bladen wel ons woord doen, zoals het blad van de D66-jongeren, alleen lukte het in de massamedia niet.'' Volgens Uittenbogaard deed de val van het kabinet hun campagne de das om. ''We hadden geen tijd meer.''
Politicoloog Paul Lucardie heeft een andere inschatting. Hij zegt in een interview in deze krant dat alleen al de poging om mee te doen ''een wanhoopsoffensief'' is. ''In de jaren '70 en '80 hoefden pedofielen geen partij op te richten, omdat de tijdsgeest hen leek te helpen. Maar ik denk dat ze zich nu in de verdrukking voelen.'' Lucardie werkt aan het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen van de Rijksuniversiteit Groningen.
Het (ex-)bestuur van de PNVD laat in een verklaring weten dat met de ontbinding van de als controversieel bekend staande partij niet ''de hete hangijzers'' verdwijnen. ''Een cultuuromslag is een kwestie van tijd.''

pagina 3: Pedopartij verliest opnieuw 'wanhoopsoffensief'


Pedopartij verliest opnieuw 'wanhoopsoffensief'

De 'pedopartij' vergaarde vier jaar geleden bij lange na niet genoeg steun om aan de verkiezingen mee te doen. Ook de nieuwe poging liep op niets uit. Politicoloog Paul Lucardie: ''Ik denk dat ze zich in de verdrukking voelen.''

door Karin de Geest

GRONINGEN - Nederland kookte van woede toen pedofielen in 2005 [2006] een partij oprichtten. Toch probeerde de Partij voor Naastenliefde, Vrijheid en Diversiteit (PNVD) nu opnieuw mee te doen aan de Tweede Kamerverkiezingen. Ze had haar controversiŽle standpunten niet veranderd: volgens de partij moest seks tussen volwassenen en kinderen vanaf twaalf jaar worden toegestaan en moest het verbod op bezit van kinderporno worden opgeheven. ''Volgens mij was het een wanhoopsoffensief'', zegt Paul Lucardie, politicoloog van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen van de Rijksuniversiteit Groningen over de oprichting van de partij. ''In de jaren zeventig en tachtig hoefden pedofielen geen partij op te richten, omdat de tijdgeest hen leek te helpen. Maar ik denk dat ze zich nu in de verdrukking voelden.''
Lucardie doelt op de tijdgeest van de seksuele revolutie. Het was een tijd waarin veel mensen open stonden voor allerlei soorten seksualiteit, soms ook voor pedofilie. Enkele politici van gevestigde partijen zeiden hetzelfde als de PNVD nu. Zo stelde VVD-minister van Justitie Frits Korthals Altes in 1985 voor om seks vanaf twaalf jaar toe te staan. Aan deze openheid naar pedoseksualiteit kwam echter een einde in de jaren negentig. Mede onder invloed van feministen die zich tegen misbruik door vaders keerden, en door geruchtmakende kindermisbruikzaken als de zaak-Dutroux, kwam pedoseksualiteit in een kwaad daglicht te staan.

Irrationeel
De PNVD verzette zich tegen deze verandering. Voorzitter Marthijn Uittenbogaard wil niet met zoveel woorden zeggen dat hij zich bedreigd voelt, maar hij vindt wel dat de samenleving helemaal de verkeerde kant opgaat. Volgens hem gaven media zijn partij geen eerlijke kans, heeft religie een veel te grote en beschadigende rol in de samenleving, en gebruikt de politiek pedofielen als zondebok. ''Pedoseksualiteit is niet hetzelfde als kindermisbruik. Toch worden nu over de hele linie vrijheden beknot om pedofilie te bestrijden'', zegt hij. Hij noemt enkele voorbeelden van verboden die hem te ver gaan: ''Het bezit van kinderporno is verboden; grooming, dus chatten met kinderen als je op seks uit bent, is verboden; de overheid wil zelfs kunnen weten welke boeken je leent in de bibliotheek, omdat je misschien een pedofiel bent.''
Lucardie denkt dat juist omdat deze maatregelen tegen pedoseksualiteit zijn genomen, pedofielen zich genoodzaakt voelden in de politiek te gaan. ''Je ziet vaker dat een groep zich in de politiek stort die de tijdgeest tegen zich heeft.'' De politicoloog trekt een historische parallel. ''In de jaren vijftig werd de Boerenpartij opgericht, omdat de boeren zich in de verdrukking voelden raken door de overheid. Een partij oprichten zagen ze als enige uitweg. De laatste tijd proberen ook moslims een partij op te richten. Zelfs de oprichters van de Partij voor de Dieren gaven als motief voor het oprichten van hun partij dat enkele belangrijke maatregelen voor dierenwelzijn waren teruggedraaid.''

Irrationeel
Toch is de PNVD een geval apart. De Boerenpartij en de Partij voor de Dieren werden gekozen in het parlement. Maar de 'pedopartij' leek al op voorhand kansloos. Vier jaar geleden vergaarden de oprichters bij lange na niet genoeg ondersteuningsverklaringen om mee te kunnen doen aan de verkiezingen. Wel kregen ze rechtszaken aan hun broek en werden ze bedolven onder dreigbrieven. En ook ditmaal lukte het niet. ''Onze aanhangers zijn bang dat hun naam bekend wordt als ze een verklaring ondertekenen, ook al hoeven ze sinds dit jaar geen adres meer op hun verklaring te zetten'', verklaart Uittenbogaard. ''Zetels vergaren was voor ons bijzaak. Ons doel is om de maatschappij in de juiste richting te duwen. Dat kan ook door mensen te overtuigen via de media.''
Volgens Lucardie is Uittenbogaard het realistische zicht op de kwestie een beetje kwijt: ''Oprichters van partijen vormen vaak een gesloten groep. Ze kunnen daardoor een verkeerd beeld krijgen van hun zetelkansen.'' Vlak voor de laatste dag van de inschrijvingen voor de Kamerverkiezingen in juni, moest de PNVD passen. De partij heeft zichzelf opgeheven. ''Er waren maar een paar tientallen mensen bereid een ondersteuningsverklaring te tekenen, terwijl we er 570 nodig hebben.''
Uittenbogaard kan het nog steeds niet over zijn hart krijgen de analyse van Lucardie te onderschrijven. ''Of er is niet genoeg draagvlak voor onze partij, of het is niet gelukt door de hetze tegen pedofilie. Ik heb het idee dat we maar weinig ons woord kwijt konden. Er was veel media-aandacht over ons, maar weinig met ons.''